Frank Westerman

Frank
Westerman (1964) is auteur van bekroonde titels als Ingenieurs van de ziel ,El Negro en ikArarat en Stikvallei. Zijn werk verschijnt in een tiental talen. De oorspronkelijke uitgave van de Graanrepubliek (1999) werd genomineerd voor zowel de Generale Bank Literatuurprijs als de Gouden Uil Literatuurprijs en is bekroond met de Dr. Lou de Jongprijs voor eigentijdse geschiedschrijving.
Frank Westerman (Emmen, 1964) groeide op in Assen en studeerde cum laude af aan de Tropische Cultuurtechniek aan de Landbouwuniversiteit Wageningen. In 1987 woonde hij een jaar in de Andes van Peru. Frank is dus geen Groninger, maar schreef het onvolprezen boek : De Graanrepubliek, waarin het verhaal van de twintigste eeuw, gesitueerd in het grimmigste stukje Nederland : Het Groninger Oldambt 

Aan de hand van de opkomst en ondergang van de Groninger graanbaronnen vertelt Frank Westerman hoe het boerenerf de afgelopen honderd jaar door de stormen van de geschiedenis is gegeseld. Tien jaar later na de verschijning van deze moderne klassieker heeft de auteur de draad opnieuw opgepakt bij het apocalyptische einde in een toegevoegd hoofdstuk over de onderwaterzetting van een van de rijkste akkerbouwgebieden van Europa. In deze nieuwe editie, vermeerderd met het actuele slothoofdstuk De blauwe revolutie nemen de verhaallijnen uit de twintigste eeuw een onverwachte, dramatische wending.
Korte fragmenten uit de proloog :
Diep in de Groninger Veenkoloniën, voorbij de A-zoveels en de P's voor carpoolers, ligt het dorp Hoornderveen. Op de ANWB-wegenkaart hangt het als een lui spinnetje in een web van ruilverkavelingswegen - ter hoogte van het B.L.Tijdenskanaal.  Maar in werkelijkheid is het nergens te vinden. 
=
Terwijl ik uitstapte om de bakens in het landschap te vergelijken met die op de kaart, kwam er een krom gegroeide man met een witte kuif op me af.

Ik vroeg of er verschil was tussen zand-en kleivolk. Dit was er. "Vlagtwedde en Onstwedde liggen op een zandrug in het veen" " Van oudsher wonen daar bescheiden lieden. Tussen de zandruggen heb je de dalgronden, het vergraven veen, met zijn ratjetoe aan kolonisten en trekarbeiders. Een paar kilometer noordwaarts begint de klei. De dorpsstraat van Meeden markeert de grens: daar staan de eerste herenboerderijen met klei aan de ene en dalgrond aan de andere kant van de weg. Hoe verder naar het noorden, hoe zwaarder de klei. " "Het Oldambt" zei ik. "Het land van edelman en bedelman, er woont daar een ander type mens". Ik wilde weten: "Wat is er anders aan een Oldambster?" De turfsteker sjorde aan zijn broek en zei: "Als een scharensliep om half een 's-middags bij een zandboer aanklopt, dan eet hij mee. Een kleiboer jaagt hem van zijn erf."    frankwesterman.nl          Zie ook de pagina van zus Moniek "Vleugels verbeeld"