Modern

             Andrew Lloyd Webber werd geboren op 22 maart 1948 in de Londense wijk South Kensington

            Hij komt uit een rijke en muzikale familie. Zijn moeder, Jean Johnstone, gaf pianoles en zijn vader, de organist Bill Webber, die van zijn derde voornaam
            Lloyd een deel van zijn
achternaam maakte, had de ambitie componist te worden. 
            Al op zijn zevende, componeerde Andrew de, uit 6 korte stukken bestaande, Toy theatre suite
            In 1961 vervolgde hij zijn opleiding aan de Westminster School.  Debuut met de show Cinderella up the Beanstalk.   
            Jesus Christ Superstar’ kwam in 1971 op Broadway op de planken en werd 720 maal opgevoerd. Met de musicals die volgden Evita 1976 en
            Cats 1981 veroverde Webber een
vooraanstaande plaats in de Engelse en in de Amerikaanse theaterwereld. 
            Zijn musical-oeuvre is niet onder één noemer te brengen. Zijn hoofdpersonen zijn onvergelijkbare figuren als Jezus Christus en Evita Perón.
            Meerdere werken : 
Aspects of love 1989 en The Phantom of the Opera 1986, Gumshoe 1971 en The Odessa File 1973 en een Requiem.  
             Die laatste componeerde hij voor zijn vader in 1985,
en werd gezongen door zijn toenmalige vrouw Sarah Brightman en de beroemde Italiaanse tenor
             Placido Domingo. 
Webber werd in 1995 gehuldigd in de ‘American Songwriter’s Hall of Fame’ en kreeg ook de ‘Praemium Imperiale Award for Music’.

             
            Philip Glass , Baltimore Maryland,1937,  is verreweg de bekendste vertegenwoordiger van de minimale muziek
.

             Hij studeert aanvankelijk fluit, later ook piano, harmonie en compositie. Na deze studies aan de bekende Juilliard School Of Music in New York, vertrekt hij
             naar Parijs, waar hij les krijgt van Darius Milhaud en Nadia Boulanger. Hij ontmoet de Indiase muzikant/componist Ravi Shankar en 
onderneemt
             studiereizen naar het Oosten, waar zijn belangstelling groeit voor niet-westerse muziek. Terug in de Verenigde Staten richt Glass in '68 zijn
             eigen ensemble op en schrijft zijn eerste minimale-muziekstukken. 
Zijn eerste minimale werk is Strung Out 1967. 
             Latere stukken : Two Pages en Music In Contrary Motion, Music With Changing Parts.  Einstein On The Beach wordt direct als internationaal
             meesterwerk binnengehaald en betekent Glass' commerciële doorbraak.
             Een Gandhi-opera Satyagraha volgt. 
Voorjaar '84 gaat in Stuttgart Glass' derde opera Akhnathen in première. Met Songs From Liquid Days beweegt
             Glass zich op het terrein van het songschrijven. Voorjaar '86 doet Glass in Nederland van zich spreken met de uitvoering door
             de Nederlandse Operastichting van Robert Wilsons theaterstuk The Civil WarS.  On The Roof en The Thin Blue Line zijn soundtracks van films.                      
 



           
            John Milton Cage (Los Angeles, 5 september 1912 - New York, 12 augustus 1992)

             was een Amerikaans avant-gardecomponist; hij was een van de grootste vernieuwers van de klassieke muziek uit de 20e eeuw. Hij was voor de Tweede
             Wereldoorlog bekend door zijn Oosters getinte muziekwerken. Na 1950 kwam hij met de radicale toepassing van het toevalselement in zijn muziek.
             Cage werd geboren in een van oudsher streng christelijke familie, als zoon van de excentrieke uitvinder John Milton Cage sr. (1886–1964)
             die bij tijd en wijle journalistiek werk deed voor de Los Angeles Times. Hij hield zich in zijn jeugd niet bijzonder intensief met muziek bezig maar had
             andere ambities, bijvoorbeeld in de richting van schrijven. Hij slaagde in 1928 voor zijn examen aan de Los Angeles High School nadat hij in het voorjaar
             een bekroonde lezing had gegeven waarin hij het idee van een dag van stilte naar voren gebracht had. In Europa maakte hij kennis met de muziek van
             Igor Stravinsky, Paul Hindemith en Johann Sebastian Bach. Op Mallorca begon hij te componeren met behulp van wiskundige formules maar Cage was
             niet tevreden over het resultaat.  

             In 1931 keerde hij terug naar de Verenigde Staten, waar hij compositieles nam bij Henry Cowell en Arnold Schönberg, die hij mateloos bewonderde. 
             In 1954 begon Cage paddenstoelen te verzamelen en deed uitgebreid onderzoek naar de determinatie ervan. Vanaf 1956 gaf hij open colleges aan de New
             School for Social Research in New York. Onder de toehoorders waren kunstenaars als Jim Dine, Larry Poons en George Segal. Door zijn docentschap oefende
             hij grote invloed uit op het ontstaan van Fluxus doordat hij meerdere daarbij betrokken kunstenaars onder zijn leerlingen telde, zoals George Brecht.